zomernota 2016
PCPortal

Meicirculaire gemeentefonds

Geachte leden van de Raad,

Op 31 mei 2016 is de meicirculaire 2016 van het Gemeentefonds gepubliceerd. Zoals gebruikelijk infomeren wij uw raad per brief over de betekenis hiervan voor onze gemeente.

In deze brief geven wij eerst een korte samenvatting van de effecten uit de meicirculaire. Vervolgens geven wij een analyse van het effect op het financieel beeld.  Daarna gaan wij in op de Integratie Uitkering sociaal domein.

De brief sluit af met een toelichting op de nieuwe taakmutaties, decentralisatie uitkeringen (DU’s) en integratie uitkeringen (IU’s). Een overzicht van alle aanpassingen van de taakmutaties, DU’s en IU’s  is als bijlage opgenomen.

Samenvatting

De meicirculaire 2016 heeft een aantal positieve effecten voor ons financieel beeld. Ons signaal van vorig jaar blijft echter onverkort van kracht. We maken ons zorgen over de veranderlijke financiering door het Rijk, waardoor het moeilijk is om een stabiel financieel beeld voor de komende jaren te schetsen.

Uit onderstaande tabel blijkt het effect van de doorrekening van de meicirculaire 2016 ten opzichte van de Stadsbegroting 2016. Het verschil tussen deze meicirculaire en de stadsbegroting is aanzienlijk. Bijna € 9 miljoen in 2016 oplopend naar € 17 miljoen in 2020.
Over een aantal zaken hebben wij Uw Raad in de afgelopen periode geïnformeerd en hiervan hebben we de financiële effecten in de zomernota meengenomen. Dit zijn de uitkomsten uit de septembercirculaire en de aanpassingen van de aantallen.

In de meicirculaire is  verder een aantal taakmutaties, DU’s en IU’s gewijzigd en zijn er twee nieuwe taakmutaties en drie nieuwe DU’s geïntroduceerd. Conform staand beleid zetten wij deze bedragen even apart en zullen in de Stadsbegroting een voorstel doen hoe wij deze bedragen willen inzetten.

Ook de IU sociaal domein is aanzienlijk toegenomen. Voor een deel betreft dit de prijscompensatie 2016 welke we al hebben ingeboekt en de toename beschermd wonen vanwege een gewijzigd verdeelmodel. Deze bedragen reserveren wij voor het programma Zorg en Welzijn.

Rekening houdende met bovenstaande effecten leidt dit tot zeer wisselende effecten op het financieel beeld, zie onderstaande tabel.

Bedragen x €1.000

2016

2017

2018

2019

2020

Stand GF na verwerking meicirculaire

349.307

344.624

348.518

349.902

350.709

Stand GF stadsbegroting 2016-2019

340.551

333.899

332.897

333.666

333.666

Verschil

8.756

10.725

15.621

16.236

17.043

Reeds gemeld:

      septembercirculaire 2015

2.418

4.255

4.672

4.672

      verwerking aantallen gemeentefonds in zomernota 2016

1.009

856

1.445

2.191

1.959

correctie aantallen  bijstandsontvangers

162

281

380

258

391

bestemd voor DU’s, IU’s, taakmutaties

937

1482

1620

1937

2.238

bestemd voor IU sociaal domein

5.076

5.920

6.941

7.150

5.776

Effect gemeentefonds op financieel beeld

1.572

-232

981

28

2.008

Een ander effect op het financieel beeld is dat van de afschaffing van de ouderbijdrage Jeugdwet

Het Rijk heeft besloten om de ouderbijdrage aan de jeugdwet af te schaffen. Hiervoor zijn middelen aan de IU sociaal domein toegevoegd. Uw Raad heeft ons college vorig jaar al  op geroepen om dit in Nijmegen te regelen. Hieronder wordt dit verder toegelicht. Dit is destijds ten laste van de algemene middelen gekomen. Meer specifiek is hiervoor een bezuiniging op de organisatie in geboekt. Omdat er nu middelen beschikbaar komen vanuit de IU sociaal domein zullen we in de begroting voorstellen om de bijdrage vanuit de algemene middelen met hetzelfde bedrag te verminderen. Het gaat om € 275.000 structureel.

Met deze wijzigingen ontstaat  een ander financieel beeld dan wij in de Zomernota hebben gepresenteerd. Het verwachte tekort in 2016 neemt met € 1,9 miljoen af, in 2017 verandert er nagenoeg niets, in de jaren 2018, 2019 en 2020 neemt het positief saldo verder toe. Deze effecten staan in de navolgende tabel.

Echter: de risico's op de grondexploitaties blijven helaas onverminderd hoog. Daarom herhalen wij hier het advies uit de Zomernota om  het positief saldo in de jaren 2018 en verder voorlopig te reserveren in de saldireserve.

Het is mogelijk dat we uit het tweede deel van de herverdeling van het subcluster VHROSV nog een nadelig effect te verwachten hebben bij de septembercirculaire. In de volgende alinea volgt hierop nog een toelichting. Dit is extra reden om behoedzaam om te gaan met het effect van de meicirculaire.

Groot onderhoud gemeentefonds subcluster VHROSV
Onderdeel van de tweede fase van het groot onderhoud van het Gemeentefonds is de verdeling  van het subcluster Volkshuisvesting Ruimtelijke Ordening en Stedelijke Vernieuwing (VHROSV). In de meicirculaire 2015 is deze verdeling gedeeltelijk, te weten voor een/derde deel, ingevoerd en toen is tegelijkertijd een verdiepingsonderzoek gestart naar de kosten van gemeenten. In deze circulaire is geen nieuwe verdeling gegeven. Resultaten van het onderzoek komen na advies hierover van de VNG en RFV waarschijnlijk in de septembercirculaire. Mogelijk komen hier vanaf 2017 herverdelingseffecten uit voort. Hiermee is deels in de Zomernota 2016 rekening gehouden.
Een aantal Zeeuwse gemeenten heeft tijdens het VNG congres een motie ingediend waarin opgeroepen wordt tot volledige doorvoering van de voorgestelde herverdeling van dit subcluster van het gemeentefonds. Van deze gewijzigde verdeling zullen waarschijnlijk kleine gemeenten profiteren en grote gemeenten zullen er op achteruit gaan.

In onderstaande tabel staat het financieel beeld na verwerking van de meicirculaire ten opzichte van de Zomernota.

Veranderingen financieel beeld bedragen x €1.000

2016

2017

2018

2019

2020

Financieel beeld Zomernota 2016

-4.872

97

1.756

3.106

2.979

Effect gemeentefonds

1.572

-232

981

28

2.008

Afschaffing ouderbijdrage jeugdwet

275

275

275

275

275

Financieel beeld na verwerking meicirculaire

-3.025

140

3.012

3.409

5.262

Analyse effect meicirculaire op financieel beeld

De meicirculaire laat voor alle jaren een positief beeld zien. Het voordeel van € 1,6 in 2016 loopt op naar € 2,0 miljoen in 2020. Er zijn drie belangrijke oorzaken aan te geven:

  1. De accresontwikkeling;
  2. Het Uitwerkingsakkoord Verhoogde Asielinstroom met gevolg voor de algemene uitkering van het gemeentefonds;
  3. De maatstaf omgevingsadressendichtheid.

Deze drie onderdelen worden hieronder toegelicht.

Accresontwikkeling
De ontwikkeling van de algemene uitkering wordt voor een belangrijk deel bepaald door de ontwikkeling van de rijksuitgaven. Volgens het systeem van ‘samen de trap op en samen de trap af ’ hebben wijzigingen in bepaalde rijksuitgaven (de netto gecorrigeerde rijksuitgaven) direct invloed op de omvang van het gemeentefonds. De jaarlijkse toename of afname van het Gemeentefonds, voorvloeiend uit de trap op trap af-methode, wordt het accres genoemd.

De accresontwikkeling is, gecorrigeerd voor prijsinvloeden[1], negatief ten opzichte van de  vorige stand, de septembercirculaire van vorig jaar. In 2016 wordt deze negatieve accresontwikkeling gecompenseerd door een positieve afrekening van 2014 en 2015. In de jaren 2016 en 2017 wordt de accresontwikkeling beïnvloed door het uitwerkingsakkoord Verhoogde Asielinstroom. Dit diepen we verder uit in de volgende alinea.

Risico
De accressen wijken de afgelopen jaren vaak erg af tussen de circulaires. Vorig jaar bleek bijvoorbeeld dat het accres aanzienlijk gedaald was hetgeen een groot negatief effect voor Nijmegen had. Dit maakt dat we behoedzaam moeten omgaan met de ontwikkeling van de accressen.

Het Uitwerkingsakkoord Verhoogde Asielinstroom met gevolg voor de algemene uitkering van het gemeentefonds
De rijksuitgaven nemen in 2016 met name toe door extra uitgaven aan asiel op de rijksbegroting.
Normaliter zijn de rijksuitgaven aan ontwikkelingssamenwerking geen onderdeel van de accresberekening. Als gevolg van een ruimhartige toepassing van de normeringssystematiek is dit in 2015, 2016 en 2017 nu wel het geval. Tegenover de stijging van de rijksuitgaven voor ontwikkelingssamenwerking staat echter ook een daling van de rijksuitgaven door onder andere een lagere inflatie (waardoor het uitgavenkader van het Rijk daalt) en bezuinigingen bij het Rijk. Dit alles bij elkaar maakt dat het accres voor uitkeringsjaar 2016 naar beneden is bijgesteld.

Het accres 2017 stijgt ten opzichte van de raming van de septembercirculaire 2015. Tegenover de stijging van de rijksuitgaven voor ontwikkelingssamenwerking staat echter ook een daling van het gemeentefonds in verband met het Uitwerkingsakkoord Verhoogde Asielinstroom. In dit akkoord zijn Rijk en VNG overeengekomen dat de extra middelen worden uitgekeerd aan gemeenten in de vorm van een Decentralisatie-uitkering (DU) volgens het uitgangspunt “geld volgt de vergunninghouder”. Hiervoor is in totaal € 381 mln beschikbaar voor 2016 en 2017. Pas in de septembercirculaire zal duidelijk worden hoe de regeling er exact uit gaat zien. Omdat het Rijk in deze circulaire - vooruitlopend op de DU - de algemene uitkering al heeft verlaagd (met €54,5 mln in 2016 en €190,5 mln in 2017) ontstaat voor met name 2017 een zeer beperkt effect.  

Voor de geraamde kosten voor de asielzoekers verwijzen we naar het onderdeel “vluchtelingen” in het hoofdstuk Financiële programmabegroting van de Zomernota 2016.

De maatstaf omgevingsadressendichtheid

Bij het financieel effect van de Meicirculaire willen we het positieve effect van de wijziging van de aantallen van de maatstaf Omgevingsadressendichtheid betrekken. Deze stijging van het aantal adressen per vierkante kilometer is het gevolg van de wijziging van de berekeningsgrondslag van deze maatstaf. De wet BAG is van toepassing verklaard op het gemeentefonds waarin nieuwe adrescoördinaten zijn gebruikt. Bij de voorbereiding van de Zomernota was dit effect al voorzien. Omdat we onvoldoende konden inschatten wat dit precies zou doen in de totale verdeling van het gemeentefonds hebben we dit nog niet mee genomen. Uit de meicirculaire blijkt wel een lager voordeel dan eerst becijferd maar nog steeds een substantieel voordeel dat we structureel kunnen inboeken.
In onderstaande tabel wordt weergegeven wat de oorzaken zijn van de effecten op het financieel beeld na verwerking van de meicirculaire.

Bedragen * € 1.000,-

2016

2017

2018

2019

2020

Accres ontwikkeling (incluis aanvullend accres)

299

-1.450

-176

-1.377

393

Uitname t.b.v Uitwerkingsakkoord verhoogde asielinstroom

Omgevingsadressendichtheid

1.273

1.218

1.157

1.405

1.615

Financieel beeld na verwerking meicirculaire

1.572

-232

981

28

2.008

3D taken/Integratie-uitkering sociaal domein
Met ingang van 2016 zijn de objectieve verdeelmodellen voor de WMO 2015 en Jeugdzorg
van toepassing. Tevens is vanaf 2016 voor beschermd wonen als onderdeel van de WMO een verbeterd historisch verdeelmodel van toepassing.

De macrobudgetten zijn ten opzichte van de septembercirculaire 2015 gewijzigd. Het grootste deel hiervan wordt gelijkmatig verdeeld over de gemeenten. De belangrijkste mutaties zijn:

  • De loon- en prijsbijstelling 2016.
  • De afschaffing van de ouderbijdrage Jeugdzorg via aanpassing van de Jeugdwet.
  • Compensatie voor een 7-tal centrumgemeenten (Nijmegen niet) voor beschermd wonen in 2016 in verband met het positieve verschil tussen het vernieuwde historisch verdeelmodel 2016 en het oude historische model 2015 van meer dan 5%.
  • Afrekening PGB’s WMO.
  • Gemeentelijke bijdrage aan de uitvoeringskosten van de Sociale Verzekerings Bank.

De verdeling voor 2017 is in deze circulaire definitief wat betreft de maatstaven en

gehanteerde aantallen. Daarmee wordt stabiliteit gecreëerd.

Uit de meicirculaire blijkt dat afschaffing van de ouderbijdrage via de Jeugdwet landelijk geregeld wordt en dat aan de integratie-uitkering sociaal domein (macrobudget Jeugdhulp) middelen zijn toegevoegd. Al eerder, op 8 juli 2015, nam uw Raad het amendement 'Daad bij het woord' aan waarin was bepaald dat, zodra het wettelijk mogelijk zou zijn, de ouderbijdrage geheel stop te zetten voor alle vormen van jeugdhulp. Om de wegvallende inkomsten te compenseren heeft uw raad besloten om in de Stadsbegroting 2016 (uit de algemene middelen) structureel middelen toe te voegen aan het programma Zorg en Welzijn (product Jeugd).

Nu bij de meicirculaire €275.000 hiervoor wordt toegevoegd aan het sociaal domein zullen we bij de Stadsbegroting een voorstel doen om enerzijds de begroting van programma Zorg en Welzijn te verlagen met deze € 275.000 en anderzijds €275.000 toe te voegen aan onze algemene middelen.

Integratie- , decentralisatie-, en suppletie-uitkeringen

Bestaande decentralisatie-uitkeringen
In deze circulaire zijn enkele mutaties gemeld bij bestaande regelingen; deze zijn inclusief mutaties van de september- en decembercirculaire 2015 opgenomen in de bijlage.

Nieuwe decentralisatie-uitkeringenIn deze circulaire zijn voor Nijmegen daarnaast ook drie nieuwe DU’s opgenomen. Deze worden hieronder kort toegelicht.

Voorschoolse voorziening peuters
Met deze nieuwe middelen wordt aan alle peuters, waarvan de ouders geen recht op kinderopvangtoeslag hebben, die nu niet naar een voorschoolse voorziening gaan, de mogelijkheid gegeven om naar een voorschoolse opvang te gaan.

Projectstimuleringsregeling Interreg
In het kader van de Interreg Projectstimuleringsregeling ontvangen elf gemeenten waaronder Nijmegen een eenmalige bijdrage van € 23.750. De bijdrage is bedoeld om het ontwikkelen en
indienen van Interreg-projecten met een Nederlandse lead-partner te stimuleren.

Pilot Weerbaar opvoeden
Nijmegen krijgt deze nieuwe DU van € 7.704 in 2016 in het kader van de eerste pilot weerbaar opvoeden. Hierin wordt een laagdrempelig aanbod van professionele opvoedondersteuning gestimuleerd.

Taakmutaties
Er zijn twee nieuwe taakmutaties:

  • Basisregistratie personen centralisering inschrijving vergunninghouders; er wordt een uitname gedaan uit de algemene uitkering. Dit heeft te maken met de inschrijving van asielzoekers in de Basis Registratie Personen met het oog op snellere doorstroom naar (reguliere) huisvesting.
  • Basisregistratie grootschalige topografie. De algemene uitkering wordt vanaf 2017 verhoogd met een bijdrage in de beheerskosten van de Basisregistratie Grootschalige Topografie. Dit is de opvolger van het vorige systeem GBKN waarin aan gemeenten een belangrijk deel van de bijhouding van de grootschalige topografie wordt opgedragen.

We zien daarnaast nog enkele kleine taakmutaties. Over het algemeen hebben de taakmutaties geen netto budgettair effect.

In de bij deze brief bijgevoegde bijlage staan de nieuwe en wijzigingen op bestaande taakmutaties, DU’s en IU’s vermeld.

Hoogachtend,

college van Burgemeester en Wethouders van Nijmegen,

De Burgemeester,      De Gemeentesecretaris,

drs. H.M.F. Bruls      mr. drs. A.H. van Hout

Bijlage

2016

2017

2018

2019

2020

Nieuw

basisregistratie grootschalige topografie

65.000

67.000

68.000

70.000

basisregistratie personen; centralisering inschrijving vergunninghouders

-47.000

-48.000

-48.000

-51.000

pilot weerbaar opvoeden

7.704

projectstimulering Interreg V

23.750

voorschoolse voorziening peuters

103.951

207.902

311.853

415.804

519.755

Bestaand

DU versterking aanpak jihadisme

120.000

DU brede impuls combinatiefuncties

-7.696

-7.696

-7.696

-7.696

-7.696

BRZO

-94.000

-87.000

-84.000

-85.000

-85.000

faciliteitenbesluit opvangcentra

39.783

jeugdwerkloosheid

100.000

maatschappelijke opvang

5.208

-32.688

-32.688

-32.688

-32.688

referendum 2016

291.000

scootmobielen

58.000

57.000

60.000

60.000

sociaal domein jeugd

661.621

1.627.098

1.929.902

1.882.500

1.888.471

sociaal domein participatie

-500.866

-731.304

-681.305

-547.744

-1.809.671

sociaal domein WMO beschermd wonen

4.875.034

5.097.692

5.255.900

5.375.635

5.369.574

sociaal domein WMO taken alle gemeenten

40.108

-73.857

436.127

438.760

326.883

uitvoeringskosten lijfrenteopbouw

102.000

134.000

164.000

190.000

210.000

uitvoeringskosten taaleis participatiewet

43.000

84.000

86.000

88.000

88.000

Vrouwenopvang

-104.295

-52.279

-145.535

-145.535

-145.535

WMO

197.167

963.141

963.141

963.141

963.141

aantal leerlingen

109.900

197.000

289.000

471.000

548.000

[1] Bij de verwerking van de circulaire volgen we, conform staand beleid, voor de prijsontwikkeling de percentages uit de circulaire. Dit is de prijsontwikkeling van het Bruto Binnenlands Product die door het Centraal Plan Bureau is gepubliceerd in de middellange termijnverkenning uit 2016.